Insights · Context
ABRO 2026 eist een jaarlijkse praktijktoets. Maar schrijft geen vorm voor.
Het beveiligingsplan moet elk jaar aan de praktijk worden getoetst, door uw eigen beveiligingsfunctionaris. Wat die toets inhoudt, laat de norm open. Daar zit het gat.
Sinds 1 januari 2026 gelden voor rijksopdrachten met risico's voor de nationale veiligheid de ABRO 2026, de Algemene Beveiligingseisen voor Rijksoverheidsopdrachten. Ze vervangen de ABDO 2019 volledig; die geldt alleen nog voor lopende contracten. Defensie past de ABRO toe op alle nieuwe opdrachten sinds 1 juli 2026. Wie voor Defensie, de rijksoverheid of de politie werkt, of dat wil, heeft er sindsdien mee te maken. Het toezicht ligt bij het Nationaal Bureau Industrieveiligheid (NBIV).
Wat de norm wél voorschrijft
ABRO 2026 legt de dagelijkse zorg voor beveiliging bij een beveiligingsfunctionaris. Die functionaris toetst jaarlijks, en bij wijzigingen, het beveiligingsplan en de onderliggende maatregelen aan de praktijk, ten minste met behulp van de zelfinspectielijst. Daarnaast voert hij jaarlijks een zelfinspectie uit. De resultaten en de opvolging van bevindingen worden schriftelijk vastgelegd en gerapporteerd aan het hoogste bestuursorgaan van de opdrachtnemer.
Dat is een stevige eis. De norm zegt niet "heb een plan", maar "toets het plan aan de praktijk", elk jaar opnieuw, met een rapportage aan het bestuur.
Wat de norm níet voorschrijft
De vorm. Nergens staat hoe die toets aan de praktijk eruit moet zien. Geen verplichte oefening, geen verplichte test, geen eis van onafhankelijkheid. De zelfinspectielijst is een minimum, geen methode.
In de praktijk betekent dat: de beveiligingsfunctionaris loopt de lijst na, beoordeelt het plan dat hij zelf heeft geschreven of beheert, en rapporteert aan het bestuur dat het klopt. Dat is geen kwade wil. Het is wat er gebeurt als een norm wel de uitkomst eist, maar de weg ernaartoe openlaat.
Een beveiligingsfunctionaris die zijn eigen plan toetst, toetst per definitie niet onafhankelijk. De norm eist de toets. Niemand eist de afstand.
Waarom dat ertoe doet, met een publieke bron
Het gat tussen papier en praktijk is geen theoretisch risico. De Algemene Rekenkamer stelde op 20 mei 2026 in het verantwoordingsonderzoek over Defensie vast dat de beveiliging van militaire objecten een ernstige onvolkomenheid blijft. Praktijktesten toonden dat aan, en de doelen van het verbeterplan voor 2025 zijn onvoldoende gehaald. Als de opdrachtgever zelf zakt voor de praktijktest, is de vraag aan de keten of het dáár wél werkt volstrekt gerechtvaardigd. Verwacht dat die vraag gesteld gaat worden.
Wat een onafhankelijke praktijktoets toevoegt
Niet nog een document. Wel: iemand van buiten die op één locatie, in één realistisch scenario, meekijkt of de maatregelen, de mensen en de besluitvorming doen wat het plan veronderstelt. Gemeten met de klok, tegen uw eigen normen. Met een rapport dat de beveiligingsfunctionaris kan gebruiken voor precies die jaarlijkse toets, en dat het hoogste bestuursorgaan kan lezen zonder vertaling.
Drie van de vijf hoofdstukken van ABRO 2026 gaan over governance en organisatie, personeel en fysieke beveiliging. Precies de hoofdstukken waar een documentreview het minst over zegt, en een praktijktoets het meest.
Bronnen: ABRO 2026, volledige tekst (open.overheid.nl); Staatscourant 2025, nr. 42214; Algemene Rekenkamer, verantwoordingsonderzoek Defensie, 20 mei 2026.
Vertrouwelijk gesprek
Uw beveiligingsplan is goedgekeurd. Is het ook getoetst?
Wij leveren de onafhankelijke praktijktoets die de norm wel eist, maar niet invult.